
Wij hebben in onze kliniek veel aanbod van honden met maagdarm klachten en/of gedragsproblemen. Duidelijk is dat er een link is tussen darmgezondheid stoornis en stress, vice versa. Opvallend is dat, op een enkele uitzondering na, alle patiënten die wij aangeboden krijgen in onze kliniek in meer of mindere mate gras eten, deels ook graspollen.
Op basis van de resultaten met onze behandeling van de darmgezondheid stoornis bij honden, mogen we ervan uitgaan dat de darmgezondheid stoornis de belangrijkste oorzaak is van obsessief gras eten.
Een veel voorkomend beeld bij de MD patiënt is de ‘ochtend misselijkheid’. De symptomen zijn: ’s morgens geen eetlust, gras eten en in een aantal gevallen ook schuim en gal braken. In de loop van de dag neemt de eetlust toe en ’s avonds is de eetlust weer normaal. Deze klachten zijn voor het merendeel op te lossen door een aangepast voedingsregime: 3 x per etmaal 1/3 van de dagportie, steeds gelijk van hoeveelheid en samenstelling, bijv. voeding om 8:00, 15:30 en 22:30 uur.
Overmatig maagzuur wordt gezien als oorzaak van het gebrek aan eetlust ’s morgens. Wij schrijven weleens een maagzuurremmer voor, die voor het slapen gaan wordt ingegeven. Wij houden wel rekening met de bijwerking van de maagzuurremmer. Die kan schadelijk zijn voor het darmmicrobioom.
Gras eten in beperkte hoeveelheden is weliswaar niet schadelijk. Maar te veel (lange) grassprieten is niet gewenst. Het is dus wel verstandig om ’s morgens een half uurtje voor de wandeling (wat) voeding te geven, zodat de grasmania iets minder heftig is en de grasvelden met heel veel gras te mijden.
Een mix van fermenteerbare en niet fermenteerbare vezels kunnen heilzaam werken in gevallen van patiënten met darmkrampen en diarree, met overdadige borborygmi, smak en slikbewegingen en oprispingen.
Honden hebben een heel lange historie met een omnivore levenswijze, met een gevarieerd menu van baas en biotoop. Ook kritisch geëvalueerde praktijkervaringen zien dat toevoeging van groenten en fruit aan de voeding een positief effect kan hebben op de dargezondheid en vermindering van de grasmania.

